PFAS analyses in verdachte zones of gestapelde partijen

24.10.2024

Regelmatig krijgen wij de vraag of het bij het karakteriseren van bodemmaterialen volstaat om slechts 1/4de van het aantal vereiste stalen op PFAS te analyseren.  Daarbij wordt meestal verwezen naar de Richtlijn PFAS-Onderzoek van 4 april 2022. 

Minimaal aantal vs verdacht

De vuistregel dat 1/4de van de genomen mengmonsters op PFAS dienen geanalyseerd te worden, geldt als minimum voor elk technisch verslag. Belangrijk echter is dat de Standaardprocedure voor de opmaak van het technisch verslag ook benadrukt dat alle (meng)monsters uit verdachte spots/zones/lagen binnen de onderzoekslocatie telkens op de specifieke verdachte parameters dienen geanalyseerd te worden. Dit geldt uiteraard voor PFAS.

Concreet betekent dit dat zeker in de volgende gevallen alle (meng)monsters op PFAS geanalyseerd dienen te worden (niet-exhaustief):

  • Monsters genomen in een PFAS-verdachte zone, zoals een terrein voor blusoefeningen, een productiezone waar PFAS gebruikt werd/wordt,...
  • Monsters genomen in een aangevoerde laag, waarvan wordt vermoed dat ze verontreinigd was met PFAS;
  • Gestapelde hopen, afkomstig uit deze verdachte zones en waarvan men de kwaliteit wenst te controleren en/of de eerdere negatieve resultaten wenst te weerleggen;
  • Gereinigde bodemmaterialen die voordien verontreinigd waren met PFAS;
  • ....

Voor terreinen gelegen in no-regretzones is het aan de erkende bodemsaneringsdeskundige om te bepalen of 1/4de van de te nemen monsters volstaat om voldoende garanties te bieden mbt de PFAS-verontreiniging.

Indien u hierover vragen heeft, aarzel dan niet om ons te contacteren: grondbank@grondbank.be