Tijdens de ministerraad van 14 juli 2023 werd de nieuwe definitie van de kadastrale werkzone principieel goedgekeurd.
Over dit wijzigingsbesluit wordt nog het advies ingewonnen van de GBA, van de VTC, van de Minaraad, van de MORA en van de SAR WVG.
De nieuwe definitie (onder voorbehoud - nog definitief goed te keuren)
“Kadastrale werkzone: een geheel van gronden met soortgelijke kenmerken dat vastgesteld wordt in het kader van de uitvoering van grond-, bagger-, of ruimingswerken voor natuurinrichting, landinrichting of landschapsaanleg of voor de ontwikkeling van een bouwwerk, infrastructuur of een civieltechnische toepassing of meerdere van die elementen samen, waarbij de verwezenlijking van die elementen een geografisch of operationeel samenhangend geheel vormt, gefaseerd kan worden uitgevoerd en voorwerp kan zijn van afzonderlijke vergunningen of machtigingen. De kenmerken hebben betrekking op de bodem, de functies die de bodem vervult of zal vervullen en de activiteiten die op de bodem worden uitgeoefend en hebben een betekenisvol effect op het milieu of houden een betekenisvol risico voor de volksgezondheid in."
Met deze nieuwe definitie wil de Vlaamse Regering duidelijkheid scheppen over de (maximale) afbakening van een kadastrale werkzone. Daarbij moet het mogelijk zijn om een kadastrale werkzone af te bakenen over verschillende deelprojecten heen (*), ook wanneer er meerdere aparte vergunningen zijn voor een project of meerdere deelprojecten.
Dit gebeurt vooral bij grotere infrastructuurwerken die worden opgedeeld (in tijd en ruimte) in verschillende fasen en/of aanbestedingen, en waarbij ook soms verschillende opdrachtgevers betrokken zijn (bvb MOW, de gemeente,...).
(*) Dit betekent echter niet dat de kadastrale werkzone in alle gevallen de gehele werkzone mag omvatten. Bij de afbakening van de kadastrale werkzone(s) dienen uiteraard de principes van de Code van Goede Praktijk voor het afbakenen van een kadastrale werkzone gehanteerd te worden. Deze CvGP, samen met de CvGP voor gebruik van bodemmaterialen binnen de kadastrale werkzone, wordt momenteel ge-update. De officiële goedkeuring van deze nieuwe codes zal samenvallen met de definitieve goedkeuring van de hogervermelde definitie van de kadastrale werkzone.
Samengevat: de kadastrale werkzone kan nooit ruimer gaan dan de werkzone van de verschillende elementen van de beoogde verwezenlijking. Wel kunnen meerdere kadastrale werkzones afgebakend worden binnen één werkzone. Het is dan telkens dat deel van de gronden met telkens soortgelijke kenmerken dat gegroepeerd wordt in een welbepaalde kadastrale werkzones.
Uitvoering van brandblusoefeningen wordt risico-inrichting
Hetzelfde wijzigingsbesluit bevat ook een voorstel m.b.t. terreinen waar brandblusoefeningen worden/zijn uitgevoerd.
Het voorstel houdt in dat de uitvoering van brandblusoefeningen waarbij PFAS-houdend blusschuim gebruikt wordt of werd uitdrukkelijk in het VLAREBO-besluit zou worden gekwalificeerd als risico-inrichting voor de toepassing van de bodemwetgeving. Dat brengt van rechtswege de verplichting met zich mee voor de overdrager om voorafgaand aan de overdracht van een grond waarop dergelijke risico-inrichting aanwezig is of was een oriënterend bodemonderzoek uit te voeren en het verslag ervan aan de OVAM te bezorgen. Op die manier kan een eventueel aanwezige PFAS-verontreiniging gedetecteerd worden en bepaald worden of verdere maatregelen noodzakelijk zijn.
Meer info: klik hier