FAQ


01. Aansluiten bij de Grondbank
02. Aansprakelijkheid en verzekering
03. Technisch verslag
04. Bodembeheerrapport
05. Procedure Grondbank – varia
06. Vervoerders
07. (Gewest)grens-overschrijdend transport
08. Terminologie
09. Bouwkundig bodemgebruik/Vormvast Product (bouwstof)
10. Op de werf
11. Tussentijdse opslagplaatsen en centra voor grondreiniging
12. Grondbank Online
13. Definitieve Opslagplaatsen (DOP's): groeves en graverijen

<< vorige | volgende >>

10. Op de werf

  1. Welke stappen mag ik als aannemer zeker niet vergeten om in regel te zijn met het nieuwe Vlarebo hoofdstuk XIII?

      1. melding start der werken: vóór de start van de (grond)werken, de aanvangsdatum melden aan de erkende bodembeheerorganisatie. U kan dit m.b.v. dit formulier: > Meldingsformulier start der werken/W-TOP/onvoorziene omstand. U kan dit echter ook onmiddellijk online doen.
      Indien u al onmiddellijk een bodembeheerrapport wenst aan te vragen, volstaat het om bij die aanvraag de start der werken aan te geven.

      2. Voorafgaandelijk aan de verplaatsing van de uitgegraven bodem de grondtransporttoelating en/of de gebruiksbrief aanvragen, opdat u later een bodembeheerrapport kan ontvangen. Hoe een bodembeheerrapport aanvragen? 

      3. Voorafgaandelijk aan de afvoer naar een Tussentijdse Opslagplaats of een Centrum voor Grondreiniging, een Grondtransportmelding doen. Dit is ook verplicht als er nog geen technisch verslag werd opgemaakt (dit geldt voor alle partijen van meer dan 250 m³, of voor partijen van meer dan 50 m³ indien hiervoor de opmaak van een TV verplicht is)

      4. Na afloop van het transport of het hergebruik binnen de werf, de eindverklaring (= ontvangstverklaring) ondertekend en met vermelding van het definitieve volume terug aan de Grondbank overmaken.

      5. Wanneer u vervolgens het bodembeheerrapport heeft ontvangen, een kopie hiervan overmaken aan zowel de inititiatiefnemer van de grondwerken als aan de eindgebruiker.

    Opgelet: de eindgebruiker is niet noodzakelijk dezelfde als de afnemer die vermeldt staat op onze eindverklaring! De eindgebruiker is de exploitant of eigenaar van het terrein waar de uitgegraven bodem wordt gebruikt.

  2. Waar moet ik als aannemer op letten bij de uitvoering van grondwerken?
    De Grondbank heeft een kwaliteitszorgsysteem voor de werf opgesteld. Hierin staan alle richtlijnen waar op gelet moet worden. Download het > kwaliteitszorgsysteem voor de werf.

  3. Ik heb onvoldoende plaats op de werf zelf en wil daarom een W-TOP inrichten. Waar moet ik op letten?
    De W-TOP (werfgebonden tussentijdse opslagplaats) beschouwen wij als een onderdeel van de werf. Hiervoor is geen afzonderlijke aansluiting als TOP vereist. De verantwoordelijke grondverzet van de aannemer coördineert de grondstromen van en naar deze W-TOP en houdt deze gegevens bij in zijn dagrapportering. Naar analogie van het grondverzetsplan zorgt de verantwoordelijke grondverzet voor een inrichtingsplan waarop alle opgeslagen partijen éénduidig worden aangeduid.
    Belangrijk is dat de W-TOP ontoegankelijk is voor derden, om sluikstorten te voorkomen. Alle partijen dienen gescheiden gestapeld en duidelijk gemarkeerd te worden. Bovendien dient de aannemer de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen om onderlinge verontreiniging te voorkomen.

    Breng ons op de hoogte van het gebruik van een W-TOP. U kan dit aan de hand van het aanvraagformulier voor een bodembeheerrapport of reeds bij de melding start der werken.

    Voor meer details verwijzen wij naar bijlage 1 van het > kwaliteitszorgsysteem voor de werf. Deze eenvoudige fiche > Werfgebonden Tussentijdse Opslagplaats – Actiepunten vermeldt de belangrijkste aandachtspunten.

  4. Wat moet ik doen indien er zich onvoorziene omstandigheden voordoen?
    De volledige procedure staat beschreven onder bijlage 2 van het > kwaliteitszorgsysteem voor de werf.
top